De bouw van Rotterdams Trots

Op een winterochtend in 1931 schreeuwt de voorzitter van Feijenoord Leen van Zandvliet het uit: “Ik heb het, ik heb het!”. Hij is zojuist wakker geworden uit een droom waarin hij het ideale stadion heeft gezien. Hij tekent zijn idee direct in een kladblok.

Grootse plannen
Van Zandvliet wil het groots aanpakken. Het stadion moet plaats bieden aan 60.000 tot 75.000 mensen. Niet alleen Feyenoord zal er zijn thuiswedstrijden spelen maar ook het Nederlands elftal, zo voorziet hij. Hij geeft zijn ideeën weer in een interview in de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 20 april 1931. De reacties zijn niet onverdeeld positief. Aan de financiële haalbaarheid wordt hardop getwijfeld. Van Zandvliet trekt zich weinig aan van de kritiek. Op de ledenvergadering van 21 maart 1934 wordt het plan aangenomen met 28 tegen- en 127 voorstemmers.

Brinkman en Van der Vlugt
In maart 1934 worden architecten Brinkman en Van der Vlugt uitgenodigd door Van Zandvliet om een ontwerp te maken voor een stadion met twee verdiepingen. Eenvoud en zakelijkheid vormen de kern van hun ontwerpen, overbodige verfraaiingen komen er niet aan te pas. Typisch Rotterdams dus.

In mei 1934 worden studiereizen naar diverse stadions in het buitenland gemaakt, om ideeën op te doen en van de ervaringen van anderen te profiteren. Vooral het Arsenal Stadion in Highbury maakte veel indruk. Zij hadden namelijk in 1932 een nieuwe tribune in twee etages gebouwd, zoals Van Zandvliet voor Rotterdam had voorgesteld. In de maanden daarop wordt op het architectenbureau het plan getekend.

De staalconstructie
Eind 1934 wordt contact gezocht met Braat constructiewerkplaatsen in Rotterdam voor advies over het ontwerp van de staalconstructie. De architecten beseften dat een voetbalwedstrijd tweemaal drie kwartier duurt, met een pauze ertussen; de bezoekers moeten wat te drinken kunnen krijgen en ook hun spanningen kwijt kunnen. Daarom zijn er zowel onder de lage als onder de hoge tribunes buffetten en toiletten tussen de stalen spanten ingebouwd. Daarnaast dienen er ruimtes te zijn zoals de kleed- en vergaderlokalen, een administratiekantoor, kamers voor de scheidsrechter, de dokter en de politie en een viertal woningen.

Van Zandvliet zet er de vaart achter
Van Zandvliet richt zich nadrukkelijk op de voortgang en zet er flink vaart achter. Telkens wanneer een bouwtekening klaar is, geeft hij de direct de opdracht om met de uitvoering te beginnen. Als de bouw van het stadion al een aardig eind op weg is, moeten de laatste ontwerptekeningen nog worden gemaakt. Door deze werkwijze wordt De Kuip in een recordtempo gebouwd. Tien maanden na het slaan van de eerste paal door de aanvoerder van Feyenoord en het Nederlands elftal, Puck van Heel wordt het stadion op 23 juli 1936 opgeleverd.

Klaar voor gebruik of toch niet?
De Kuip is klaar voor gebruik, maar kan nog niet worden geopend. De gemeente is in gebreke gebleven bij de aanleg van de toevoerwegen naar het stadion. Intussen nodigt Van Zandvliet in het najaar van 1936 1.500 mariniers en werklozen uit in De Kuip. Hij wil de zekerheid dat het stadion voorziet in de behoeften van de toekomstige bezoekers. Hen wordt verzocht plaats te nemen op de dubbeldeks zittribunes. Per megafoon krijgen ze de opdracht zich als supporters te gedragen en zo uitbundig mogelijk te juichen en te springen. De tribunes houden het goed. Als beloning krijgen de mannen een borrel en een sigaar.

De eerste wedstrijd
Een half jaar later neemt Van Zandvliet zelf plaats in zijn nieuwe stadion, want op 27 maart 1937 kan eindelijk de eerste wedstrijd worden gespeeld. Voorzichtigheidshalve wordt niet geopend met een voetbalwedstrijd van het Nederlands elftal maar met een vriendschappelijke wedstrijd, die niet het maximum aantal toeschouwers zou trekken. Op die manier konden parkeerruimten, toegangen en buffetten worden beproefd.

Toch kwamen nog 40.000 mensen om Feyenoord met 5-2 van Beerschot (België) te zien winnen. Op 2 mei 1937 volgt dan Nederland - België. Deze eerste interland won Nederland met 1-0 en De Kuip bleek een groot succes voor internationale duels want vele wedstrijden volgden na deze datum. Het Nederlands elftal heeft inmiddels ruim 100 keer een duel in De Kuip gespeeld. En maar liefst 10 maal is De Kuip gastheer geweest voor een finale van de Europacup I, II en III.

Overige evenementen
Naast voetbalwedstrijden bood De Kuip al vanaf het begin ruimte voor tal van andere sportactiviteiten. Er vonden bijvoorbeeld ook motorcross wedstrijden in De Kuip plaats. Tevens waren er diverse atletiek- en turnwedstrijden. Bijzonder was de kampioenswedstrijd in 1993, die in Groningen werd gespeeld. Omdat niet alle supporters deze wedstrijd konden bijwonen in Groningen werd in De Kuip een groot videoscherm geplaatst. Ruim 30.000 supporters hebben toen de finale live kunnen volgen in hun eigen Kuip.

Bedreigingen en kansen
Ondanks de glorie en de vele successen in De Kuip is het stadion driemaal met de sloop bedreigd. In 1941 was er grote behoefte aan hoogwaardig staal voor de oorlogsindustrie. De Kuip is gebouwd van dit staal! Aangezien het stadion met liquidatie werd bedreigd, leek het er even op, dat het staal voor de industrie, zijn bron moest vinden in De Kuip. Gelukkig is dit niet gebeurd!

In 1984 wilde de gemeente Rotterdam, net als Amsterdam, de organisatie van de Olympische Spelen van 1992 naar zich toe trekken. De locatie van een Olympisch Stadion stond gepland op de plek waar De Kuip zich bevindt.

De laatste bedreiging voor De Kuip dateert uit begin jaren negentig… Door betonrot en erosie dreigde De Kuip niet meer aan de kwaliteitseisen te kunnen voldoen. Gelukkig zijn de sloopplannen omgevormd tot het uiteindelijke plan dat resulteerde in een prachtige renovatie.